Het is bij wiskunde (en ieder ander vak) handig om kennis te hebben van de gebruikte jargon (vaktermen). Deze pagina dient als een kort en bondig maar duidelijke lijst van wiskunde jargon.
— randy 2012/10/17 11:54
<sortable 1>
Jargon (NL) | Jargon (ENG) | Uitleg |
---|---|---|
Asymptoot | Asymptote | Een asymptoot is een lijn, waar de grafiek op den duur vrijwel mee samenvalt. In andere woorden nadert de grafiek bij grote waarden van ëën van de variabelen steeds dichter deze lijn. |
Quotiënt | Quotient | Het resultaat van een deling/breuk |
Vierkantsvergelijking | Quadratic Equation | Een polynoom waarvan de term met de hoogste graad van graad 2 is. Er bestaat hierbij dubbelzinnigheid! Een Vierkantsvergelijking in algemene vorm is namelijk $$ a x^2 + b x + c $$. Deze algemene vorm is een trinomial van graad 2. Maar een Vierkantsvergelijking kan ook dit zijn: $$ b^2 + x $$. In dit geval dus ook een tweedegraadsvergelijking, maar dan in de vorm van een binomial |
Kwadratische vergelijking | Zie Vierkantsvergelijking | |
Tweedegraadsvergelijking | Zie Vierkantsvergelijking | |
Trinomial | Trinomial | Een trinomial is een polynoom waarbij 3 termen betrokken zijn |
Binomial | Binomial | Een binomial is een polynoom waarbij 2 termen betrokken zijn |
Monomial | Monimial | Een monomial is een polynoom waarbij 1 term betrokken is |
Polynoom | Polynomial | Een polynoom is een combinatie van termen waarbij de exponenten in een termen niet-negatieve hele getallen zijn. De graad van de polynoom word bepaald door de hoogste graads term in een polynoom. Voorbeelden: $$ -4.4 $$ dit is een monomial van graad 0. $$ -4.4 x $$ dit is een monomial van graad 1. $$ -4.4 x ^3 + 2 x $$ dit is een binomial van graad 3. $$ 10 x ^ 2 -5 x + 6 $$ dit is een trinomial van graad 2, ook wel een vierkantsvergelijking genoemd |
Term | Term | Een term kan simpelweg een constante zijn of een constante vermenigvuldigd met een variabele (of meerdere variabelen). De variabelen kunnen hierbij van hogere graads zijn. Dit bepaald tevens de graad van de term. Een 0-de graads term is simpelweg een constante: $$ 4 \cdot x^0 $$. Bij een 1-ste graads term word de constante een coëfficiënt: $$ 4 \cdot x^1 $$ |
</sortable>